Elektra & meterkast
Meetrapport elektrische installatie
Eén rapport voor de visuele inspectie en de metingen, in vijf stappen. Ingericht op de Fluke 1664FC: per regel staat waar de knop op moet en wat de grenswaarde is, en het rapport rekent zelf na of je binnen de norm zit.
Werkt optelefoon, tablet, laptop
Bewarenautomatisch, op dit apparaat
Exporterenpdf of json-bestand
Wordt automatisch bewaard
Gegevens
Zichtcontrole
Kijken, niet meten. Deur open, plaat eraf en met een zaklamp langs alles. G is goed, A een aandachtspunt, F een fout. Alles wat geen G is, komt terug bij de bevindingen.
1
Hoofdschakelaar aanwezig en werktVerplicht sinds 2005. Omdraaien: gaat alles uit?
2
Minimaal twee aardlekschakelaars, type A, 30 mABij één schakelaar valt bij een storing het hele huis uit.
3
Maximaal vier automaten achter één aardlekNatellen. Meer dan vier mag niet.
4
Overspanningsbeveiliging (SPD) aanwezigIn veel situaties voorgeschreven sinds 2018.
5
Klemmen vastgezet, geen losse dradenVoorzichtig aan elke draad trekken. Los is de meest voorkomende brandoorzaak.
6
Geen verkleuring, roetsporen of brandluchtBruin of geel bij een klem betekent oververhitting.
7
Kabeldoorsnede past bij de automaatTe dunne kabel achter een te zware automaat komt vaak voor.
8
Eén merk componenten, geen adapterwerkMerken door elkaar geeft slechte klemcontacten.
9
Groepen gelabeld en schema aanwezigKan de volgende monteur zien wat waar zit?
10
Kast niet vol, ruimte voor uitbreidingEen tweede kastje ernaast is een signaal.
11
Geen spullen in de meterkastSchoenen en dozen laten een brand sneller uitbreiden.
12
Aardelektrode of waterleidingaarde aanwezigZonder aarde werkt de aardlekbeveiliging niet goed.
13
PV-omvormer achter aardlekbeveiligingNEN 1010 rubriek 411; meestal verplicht. Zie NPR 5310.
14
Zware verbruikers op eigen groepWarmtepomp, laadpaal, inductie, airco.
15
Laadpaal met aardlek type B of A plus DC-detectieType A alleen is hier niet voldoende.
Metingen
Draai de knop naar de meting, druk op TEST en vul in wat het display aangeeft; het oordeel zet zichzelf op basis van de grenswaarde. Met AUTO TEST doet de tester isolatie, doorverbinding, lus en aardlek in één keer per groep. Zet de installatie spanningsloos vóór de isolatiemeting en trek gevoelige apparatuur eruit: 500 volt is niet leuk voor elektronica.
1
Netspanning L-NKnop op V. Controleer ook L-PE en N-PE.
207 - 253 V
V
2
Isolatieweerstand, 500 V DCKnop op INSULATION, 500 V. Spanningsloos! Meet L-N, L-PE en N-PE.
≥ 1,0 MΩ
MΩ
3
Doorverbinding beschermingsleidingKnop op CONTINUITY. Nul de meetsnoeren eerst met ZERO.
≤ 1 Ω
Ω
4
Aardverspreidingsweerstand REKnop op R₋. Bij een TT-stelsel de belangrijkste meting.
≤ 166 Ω
Ω
5
Lusimpedantie ZsKnop op LOOP, stand no-trip zodat de aardlek niet uitvalt.
volgens automaat
Ω
6
Verwachte kortsluitstroom IkLeest de tester zelf uit de lusimpedantie.
automaat moet af
A
7
Aardlek bij ½ I∆nKnop op RCD. Valt hij hier wel uit, dan is hij te gevoelig.
schakelt NÍET uit
ms
8
Aardlek bij I∆nMeet in beide standen, 0 en 180 graden. Noteer de langste tijd.
≤ 300 ms
ms
9
Aardlek bij 5 × I∆nDe snelle test. Hier hoort hij er direct uit te vliegen.
≤ 40 ms
ms
10
Aardlek aanspreekstroom (ramp)Stand RAMP. Onder 15 mA te gevoelig, boven 30 mA onveilig.
15 - 30 mA
mA
11
Fasereeks bij driefaseKnop op fasereeks. Alleen bij een driefase-aansluiting.
rechtsom L1-L2-L3
12
Isolatieweerstand PV, DC-zijdeAlleen bij zonnepanelen. Meet PV plus en PV min naar aarde.
≥ 1,0 MΩ
MΩ
Per groep
Wat zit eropAutomaatAardlekKabelIsolatie MΩZs ΩOordeel
Wat staat er nog open?
Bevindingen en advies
Eindoordeel
Dit rapport toont de staat van de installatie op het moment van meten. Bewaar het bij je woningdocumenten; je verzekeraar kan erom vragen.